Mensen gaan niet voor niets naar Normandië, Bretagne of Zuid-Frankrijk. Het is er vast erg mooi, maar ik had zin in iets anders. Dat resulteerde in een roadtrip langs random plaatsen in Midden-Frankrijk, met een iets langere stop in de Auvergne. Het voelde bij vlagen als een marathon door Frankrijk, ik heb zoveel gezien en gedaan. Bij gebrek aan een ellenlange diashow met vakantiefoto’s neem ik jullie in tekst mee naar Frankrijk, met toch een paar foto’s.

Laten we beginnen met een routekaart, dan weet je een beetje wat je te wachten staat de komende tweeduizend woorden.

Dag 0: Na werktijd naar Amiens

Ik begin met een afrader: bij voorkeur vertrek je niet na een werkdag op vakantie. Het is efficiënt, maar minder relaxed. Het voordeel is dat we op tijd aankomen om naar de lichtshow die op de kathedraal wordt geprojecteerd te kijken. Mocht je in de zomermaanden in Amiens zijn, pak Chroma dan zeker mee. Ik garandeer je dat het in het echt indrukwekkender is dan op mijn foto.

Dag 1: Kathedraal van Amiens bij daglicht, tuinen van Versailles by night

Sommige mensen kennen Amiens als ‘de afslag naar Normandië’, maar het is de moeite waard om afrit Amiens te nemen. De kathedraal is zo mogelijk nog imposanter in het matige zomerweer. Het is de grootste kathedraal van Frankrijk en hij is daardoor moeilijk op de foto te zetten. Gelukkig is zo’n grote kathedraal ook vanuit de verte goed zichtbaar.

Voor natuur bij de stad gaan we richting de Hortillonnages. Een gebied met drijvende moestuintjes, oftewel water met daartussen eilandjes met moestuinen. Volgens de reviews op Google is het niet makkelijk om tickets te krijgen. Voor half 2 zijn alle tickets gereserveerd voor busreizen en daarna moet je vaak lang wachten. We hebben blijkbaar geluk, we kopen een ticket en kunnen meteen in een bootje stappen. De enthousiaste gids babbelt er op los in het Frans. Af en toe vang ik flarden op zoals ‘3 oogsten per jaar’ en ‘eigen brouwerij’. Klinkt allemaal heel gezellig. Ik geniet vooral van het uitzicht en het zonnetje dat doorbreekt. Leuke tip als je langer naar Amiens gaat: sommige huisjes in de hortillonnages zijn te huur.

Had ik al gezegd dat we een redelijk strakke planning hadden? Voor dezelfde avond hebben we tickets voor de tuinen van Versailles. In de zomermaanden zijn de fonteinen verlicht en is er aan het einde van de avond een vuurwerkshow. En zo sluiten we de avond zo’n 200 kilometer verderop af in koninklijke tuinen en een hotelkamer met een muffe badkamer – maar wel op een toplocatie.

Dag 2: Van Versailles naar Bourges – het thema wordt langzaam duidelijk

Gelukkig had ik van tevoren bedacht dat ik na die vuurwerkshow niet heel vroeg zou slapen. Een bezoek aan Château Versailles staat op de planning, maar níet voor het vroegste tijdvak. In het kasteel zijn er vooral heel veel schilderijen te zien. Er zijn eigenlijk maar twee ruimtes waar ik van onder de indruk ben, waaronder de befaamde spiegelzaal. De tuinen zijn veel interessanter dan het kasteel als je het mij vraagt.

Ook vandaag doen we weer twee bestemmingen op één dag. Bourges blijkt uitgestorven op zondagavond, we vinden met moeite een restaurant dat open is. Wat er wel te doen is: een lichtwandeling, Les Nuits Lumière. Zien jullie al een thema in mijn reis? Ik ben slecht voorbereid, maar dat blijkt geen probleem, je kunt gewoon de blauwe lichten volgen. Op de mooiste gebouwen in de stad zijn uitgebreide projecties te zien. Moeilijk om goed vast te leggen, daarom een foto van het blauwe straatbeeld. Op zondagavond voelt het als als een creepy, zo goed als verlaten filmset.

Dag 3: Levendig in de jaren 70

Ons hotel Le Christina heeft rolluiken, en aangezien Bourges in het donker niet zo groot leek, slapen we uit. Bij het bureau de tourisme scoren we een plattegrond met een stadswandeling. Het is praktisch dezelfde route als de we gisteren met de lichtwandeling hebben afgelegd. Ik betrap een folder over de kathedraal erop te beweren dat de kathedraal van Bourges het grootste gotische gebouw van Frankrijk is. Zoiets schreven ze in Amiens ook over de kathedraal van Amiens. Volgens internet wint Amiens, maar ik ben eigenlijk meer onder de indruk van de kathedraal van Bourges.

Onze volgende bestemming is Mont-Dore, een dorpje dat online werd omschreven als dood. Vergane glorie. Misschien levendig in de jaren 70. Van die omschrijvingen krijg ik alleen maar meer zin in ons verblijf. Onderweg zie ik de omgeving steeds groener worden. Af en toe ploppen mijn oren door de hoogte- en dieptemeters Eenmaal op onze bestemming zie ik rechts ons mooie châteauhotel, waar we maar liefst drie nachten slapen. Links: skiverhuur en een winkel met skikleding. Waar je in de winter leuk kan skiën, kan je in de zomer ongetwijfeld mooi wandelen.

De meeste restaurants zien er uit als skihutten. Het menu bestaat steevast uit kaasfondue en de lokale specialiteit truffade; aardappelschijfjes met heel veel kaas en een bord vol charcuterie ernaast. Uit ervaring kan ik zeggen dat de truffade top is voor liefhebbers van gegratineerde kaas. De charcuterie erbij voelt nogal random, maar het geeft me een ultiem wintersportgevoel. Niet dat ik ooit op wintersport ben geweest. Wat meehelpt is dat de temperatuur hier zo’n tien graden lager ligt. Op onze vorige bestemming stijgt de temperatuur de komende dagen van 20 naar 30 graden. Dat betekent voor Mont-Dore dat de temperatuur de komende dagen van 10 naar 20 graden stijgt. Zomervakantie!

Dag 4: Wandelschoenen uit de koffer

Mocht je ooit bij Grand Hotel Mont-Dore slapen, reserveer dan zeker het ontbijt. Een tafel vol patisserie, taartjes, cakejes, koekjes, voor een zoetekauw echt de hemel. Ik kan er tegenaan voor de eerste wandeling. Ik ben snel onder de indruk van stromende beekjes en kleine watervalletjes. En dan heb ik de grote waterval nog niet eens gezien. Zoals gewoonlijk haak ik af als je ergens nog net wat verder omhoog kan en het pad er ‘te moeilijk’ uitziet. Gelukkig is er gewoon 4G in de bergen, want mijn vriend is wel gaan kijken en hij appt dat het de moeite waard is. Je kan zelfs achter de waterval staan.

Nog een stukje hoger krijgen we het uitzicht over Mont-Dore dat me over de streep heeft getrokken om in het dorp te verblijven.

Op Google ziet het er toch net iets beter uit.

Jongens, wat ben ik blij dat ik een paar dagen voor vertrek nog wandelsneakers heb gekocht. Alles is toch net wat mooier zonder schurende sneakers. Ik kan er nog een tweede korte wandeling uitpersen, maar daarna kom ik alleen nog van mijn bed af om te eten.

Dag 5: Puy de Sancy drijft me tot het uiterste

Puy de Sancy is de hoogste bergtop in het Centraal Massief, aldus Wikipedia. Vanuit mijn hotelbed scroll ik door de website van de kabelbaan. Met de kabelbaan kun je een groot deel van de route afleggen, iets dat me heel aantrekkelijk lijkt na het vele wandelen van de afgelopen dagen. Nadat de vriendelijke receptioniste van ons hotel zegt dat het te doen is als we linksom omhoog gaan en rechtsom naar beneden, besluiten we toch all bij ourselves te gaan. Ok, onszelf en een horde andere toeristen. Linksom blijkt gewoon een pad met steentjes te zijn. Af en toe best steil, maar niets moeilijks. Voor ik het weet sta ik buiten adem bij het kabelbaanstation, het punt vanaf waar iedereen moet wandelen. Met uitzicht op het station krijg ik een leuk telefoontje. Iets waar ik binnenkort misschien meer over kan vertellen.

We zijn dit keer eens goed voorbereid gaan wandelen. Zelf lunch meenemen heeft als voordeel dat je kan eten met mooi uitzicht. Bij de route terug (je weet wel, rechtsom) staat een bordje dat het een moeilijk pad is. We informeren voor de zekerheid bij andere wandelaars, maar op twee kleine stukjes klauteren na blijkt het mee te vallen. Die stukjes doe ik zittend. Ik ken mezelf, in een rechte lijn wandelen is soms te veel gevraagd en die extra stap richting het ravijn is zo gezet. Dan maar een stoffige witte kont. Truffade smaakt extra goed na inspanning.

Dag 6: Kerk op een rots in Le Puy-en-Velay

Over de afsluitende wandeling in Mont-Dore wil ik het eigenlijk niet meer hebben. Het foldertje beloofde 30 minuten wandelen. Dat blijkt dus 1,8 kilometer heen en 1,8 kilometer terug te zijn, mij maak je niet wijs dat iemand dat in 30 minuten doet. Zeuren tegen een folder is niet bevredigend, dus moet mijn vriend het ontgelden. Na al die dagen wandelen, is dit er te veel aan. Ik kan geen wandeling meer zien. En het uitzicht? Dat blijkt gewoon Mont-Dore van de andere kant te zijn.

Misschien maar goed dat we vandaag vertrekken naar de volgende bestemming. We rijden drie uur zuidelijker naar Le Puy-en-Velay. Het stadje is vooral bekend om de twee rotsen die het stadsbeeld bepalen: een met een kerk erop en een met een standbeeld erop. Ik had verwacht dat dat de enige trekpleisters zouden zijn, maar het blijkt een supergezellig stadje met goede restaurants een veel studenten op donderdagavond.

Oh, en er is een lichtwandeling. Maar Le Puy-en-Velay heeft iets dat andere plaatsen met een lichtevenement niet hebben: een rots met een kerk erop.

Dag 7: Op bedevaart

Puy-en-Velay mag dan de zuidelijkste stad zijn van onze roadtrip, het is niet de stad met het mooiste weer. Op zich niet erg, want die rotsen met respectievelijk een standbeeld en een kerk erop moeten natuurlijk beklommen worden – dat is stiekem veel beter te doen als het niet te heet is. De beklimming is zo’n 300 treden. Qua hoogte niets vergeleken met bergwandelingen, maar echt de moeite waard. Het is trouwens ook een populaire ontmoetingsplaats voor bedevaarten.

De lunch bij Coco et Rico is veel. Dat komt goed uit, want het is een eindje rijden naar Dijon. In Dijon is voor de verandering geen lichtwandeling. Wel hebben we voor het eerst deze vakantie een echt zomerse temperatuur en eten op een terras. Wat een vakantiegevoel, en dat terwijl we voor mijn gevoel al aan de terugweg begonnen zijn.

Dag 8: Uitzicht over Dijon en socializen in het Frans

Never change a winning team, ook in Dijon maken we een stadswandeling. Alles wat ik daaraan overhield? Een uitzichtsfoto, gemaakt vanaf de toren Philippe Le Bon.

Onze allerlaatste stop is in de champagnestreek, Bouzy om precies te zijn. We overnachten er bij Au Bouchon Champenois, waar we ook het diner hebben gereserveerd. De eigenaren koken voor ons en een Vlaams koppel dat er verblijft. Ze eten zelf ook mee. Een goede test voor mijn Frans, want uiteraard spreken de Vlamingen dat een stuk beter. Ik merk dat ik me steeds beter en beter kan redden in het Frans. Het ene gesprek is makkelijker te volgen dan het andere. Als ik eenmaal een essentieel woord niet ken, haak ik af. Gelukkig is er altijd nog eten. En champagne. En wijn.

Dag 9: Druivensapproeverij in de champagnestreek

Onze hosts raden ons een bezoek aan het plaatsje Hautevillers aan. Het is omringd door wijngaarden en opvallend veel Porsche-rijders doorkruisen het dorp. We weten een plek te veroveren bij een proefhuis aan Rue Domaine Pérignon. Een champagneproeverij zou op zijn plaats zijn, maar we houden het braaf bij een druivensapproeverij. Anti-climax, maar we komen in ieder geval wel veilig thuis in Antwerpen.

Veel gezien, veel gedaan. Misschien iets te veel in zo’n korte periode. Mocht je inspiratie opdoen na het lezen over deze bestemmingen, neem er dan gerust iets meer tijd voor. On the bright side: ik heb voor het eerst ooit de Fitbit Work Week Challange gewonnen van mijn groepje (106.000 stappen in 5 dagen). Bovendien was ik na zo’n prikkelarm jaar in lockdown toe aan nieuwe indrukken. Ik vraag me af of iemand het einde van dit vakantiedagboek heeft bereikt. Doet er eigenlijk niet, ik heb weer een dosis vakantienapret gehad.

Ben jij op vakantie geweest dit jaar?

Facebooktwitterpinterestlinkedinmail