Zen

Om te beginnen: ik vind mezelf best aardig en oprecht. Ik begroet buschauffeurs, ik onthou veel verjaardagen en probeer andere belangrijke momenten van mensen uit mijn leven te onthouden. Daarentegen kan ik me heel makkelijk laten opfokken.

Ik noem maar wat…

Als ik moet wachten, als dingen niet zo gaan als gepland, als alles te langzaam gaat… Ik ben ongeduldig aangelegd en dat is niet altijd makkelijk in een samenleving die zo traag gaat als onze hedendaagse samenleving. Mensen fietsen in slowmotion of blokkeren het fietspad, de 5-urige werkdag is nog steeds niet de standaard en mijn trein rijdt maar 4 keer per uur.

Mijn geheime zonde

Het ergste vind ik dat ik in gedachten soms mensen uitscheld. Geen zorgen trouwens, tenzij je reist via Utrecht Centraal. De mensen die ik in gedachten uitscheld, zijn eigenlijk altijd onbekenden onderweg. Vooral reizen met de trein haalt zo nu en dan het slechtste in mij naar boven. Niet zo gek misschien. Dringende mensen, 31 rugzakken die je bijna in je gezicht krijgt, mensen die niet beseffen hoe gevaarlijk de punt van de paraplu is waarmee ze zwaaien, vertraging, mensen die instappen voordat iedereen is uitgestapt. Knap staaltje zelfcontrole als je vier of vijf dagen per week met de trein reist en altijd zen blijft.

Ik kreeg een groot inzicht dankzij treinwandelaars

Er bestaan mensen die door een ramvolle trein blijven lopen, op zoek naar een plaats. Ik heb me allang neergelegd bij het proberen te veroveren van de beste staplaats en als ik die dan heb, moet ik nog voor hen aan de kant ook. Aan de andere kant van de deur is het minstens net zo vol, bitch. Zie, lekker lichtgeraakt onderweg. Laatst had  ik een eye-opener: ik realiseerde me dat ik eigenlijk jaloers ben. Die treinwandelaars zijn blijkbaar zo optimistisch ingesteld dat ze de hoop op een zitplaats nog niet verloren zijn. Hoe heerlijk moet die onbezonnenheid zijn? Het blinde vertrouwen in de NS…

Ik denk zelfs dat ik fysiek bewijs heb gevonden van mijn opgefoktheid. Mijn hartslag in rust ligt vaak rond de 80. Dat kan het volgende betekenen:

  1. Dat ik heel onfit ben – hoogstwaarschijnlijk. 
  2. Dat mijn lichaam voortdurend denkt dat ik aan het sporten ben – dat zou best handig zijn, dat betekent misschien dat ik meer kan eten.
  3. Maar wellicht betekent het gewoon dat ik me voortdurend lichtelijk opgejaagd voel. – Kan dat?

De theorie van een gelukkig, gezond en fit leven ken ik prima. Ik weet dat ik me niet moet laten opfokken door externe factoren. Wat maakt het uit als ik iets later op mijn bestemming ben of als iemand langzamer wil zijn – of is – dan ik? Mijn humeur laten beïnvloeden door het weer, verkeer of andere mensen, heeft geen zin. En als ik dit zo opschrijf, laat het me ook nog eens onaardig as hell lijken.

In de praktijk gaat het soms net een beetje anders. Toen ik laatst voor de zoveelste keer iemand die me naar mijn mening te traag voor de voeten liep in gedachten uitschold, besloot ik dat het afgelopen moet zijn. Ik ga op zoek naar mijn inner zen. Wat dat ook is. En waar ik dat ook vind. Iemand enig idee? Zeg liever niet dat ik moet gaan mediteren of naar het platteland moet verhuizen.

Herkent iemand dit, of ben ik toch buitengewoon onaardig en een stuk onaardiger dan dat ik mezelf meestal vind?

PS. Sinds ik dit twee weken geleden heb opgeschreven, ben ik al 35% meer zen en heb ik minder mensen uitgescholden, maar tips zijn nog altijd welkom.

Facebooktwitterpinterestlinkedinmail